Algemene informatie
Scintigram/foto’s/scan
De nucleaire geneeskundige onderzoeken voeren we uit met onze gammacamera’s. Deze camera’s vangen de radioactieve straling op en zetten dit om in beelden. Met behulp van een kleine hoeveelheid van een radioactieve stof kan een afbeelding worden gemaakt van de werking van verschillende organen in het lichaam. Deze afbeelding heet een ‘scintigram’. De termen ‘scan’ of ‘foto’s’ worden ook vaak gebruikt.
Radioactieve stof
De gebruikte radioactieve stof verdwijnt vanzelf uit uw lichaam. De meest gebruikte radioactieve stof op de afdeling is Technetium-99m. Van deze stof is na zes uur nog de helft, na twaalf uur een kwart en na 24 uur een zestiende over door radioactief verval. Ook verlaat een deel van de radioactieve stof uw lichaam vaak via de urine.
Zwangerschap en borstvoeding
Tijdens de zwangerschap of het geven van borstvoeding kan de radioactieve stof het ongeboren kind bereiken of met de moedermelk worden uitgescheiden. Een (mogelijk) zwangere vrouw of een vrouw die borstvoeding geeft, dient dit altijd te melden vóór de toediening van een radioactieve stof.
Veelgestelde vragen
-
Is straling gevaarlijk?
Iedereen is aan straling blootgesteld (kosmische straling, geringe hoeveelheden radioactieve stoffen in lucht, water, voedsel en gebouwen). Straling kán een risico vormen voor de mens. Bij iedere medische toepassing van straling moeten daarom de voordelen zorgvuldig worden afgewogen tegen de eventuele risico’s.
De patiënt die net een nucleair geneeskundig onderzoek heeft ondergaan, is op dat moment een heel klein beetje radioactief en dus een (heel zwakke) stralingsbron. De dosis is echter zo laag dat er geen maatregelen nodig zijn in verband met stralingsbelasting van de omgeving van de patiënt, zoals de begeleiders of familieleden.
-
Welke lichaamsdelen/lichaamsfuncties onderzoeken we?
bijnierschors
bijschildklier
bot
galblaas
hart(pompfunctie)
hart(doorbloeding)
hersenen
lever
longen
lymfeklier
maag
milt
nier
schildklier
schildwachtklier(sentinel node)
slokdarm
speekselklier
traanweg
Ook kunnen we bepaalde tumoren, uitzaaiingen of ontstekingslocaties opsporen. Uitgebreide informatie over de onderzoeken vindt u op deze website en in de patiëntenfolders. Indien u geen folder heeft gehad kunt u deze verkrijgen bij de balie van de afdeling nucleaire geneeskunde.
-
Hoe wordt de radioactieve stof toegediend?
Het toedienen van een radioactieve stof gebeurt meestal via een injectie en soms via inname door de mond. Dit is afhankelijk van het onderzoek en de radioactieve stof die wordt gebruikt.
-
Worden er meteen na de toediening foto’s gemaakt?
Soms worden meteen na de toediening foto’s gemaakt, soms zit er een poosje tussen. Dit varieert van enkele minuten tot uren.Soms worden er foto’s op meerdere tijdstippen gemaakt of verspreid over meerdere dagen.
-
Hoe gaat zo’n onderzoek?
Tijdens het onderzoek ligt u op een onderzoeksbed of zit u voor de camera. De camera komt heel dicht bij u maar zal u net niet aanraken. Het is belangrijk om tijdens het onderzoek goed stil te liggen. Voor kleine kinderen hebben wij een speciaal (vacuüm)kussen waarmee we eventueel wat extra steun voor het stilliggen kunnen geven.
-
Waar vind ik meer informatie over mijn onderzoek?
In de patiëntenfolders vindt u uitgebreide informatie over de verschillende onderzoeken. Als u nog geen folder heeft, kunt u bij onze balie een folder vragen. U kunt ook een folder opvragen via e-mail. Vermeld in deze e-mail uw naam en de datum van het geplande onderzoek zodat we u de juiste folder toe kunnen sturen. U kunt ook altijd vragen stellen aan de medewerkers van onze afdeling.
-
Mag ik iemand meenemen?
Over het algemeen mag u tijdens het onderzoek iemand meenemen. Vraag er even naar als u wordt opgeroepen.
-
Kan ik al meteen een uitslag krijgen?
Na het onderzoek worden de opgenomen beelden uitgewerkt op de computer. Daarna maakt een nucleair geneeskundige (arts) een verslag van de bevindingen. Wij streven ernaar dat dit verslag binnen 24 uur bij uw specialist of huisarts is. Van een van hen krijgt u de uitslag. De laborant, die u heeft geholpen bij het onderzoek, mag geen uitspraken doen over de gemaakte opnamen.